IJsland

De bestemming voor vakantie 2013 was redelijk snel bepaald. Zowel reisgenoot Martijn en ik zijn liefhebber van ruige natuur en waar anders dan in IJsland is dit voorhanden.
Na veel te hebben gelezen en verhalen + de do's and dont's van vrienden en reisbureau IJslandspecialist.nl te hebben aangehoord hebben we een schitterende route gepland en deze uiteindelijk geboekt bij IJslandspecialist.nl

Note: De 'dagboek' aantekeningen van dag 1 t/m 5 zijn onvindbaar. Op basis van foto's, de geplande route en herinneringen zal ik proberen toch een zo compleet mogelijk verhaal te plaatsen.

Dag 1: Nederland - IJsland (1 september 2013)
Na een korte vlucht kwamen we aan op Keflavik International Airport. Lopend naar de autoverhuur maatschappij waar we onze gereserveerde auto op konden halen bleek het vrij mistig en regende het. Hopelijk was dit geen voorbode voor de rest van de reis.
Zoals we inmiddels gewend zijn duurt het papierwerk bij de autoverhuur weer onnodig lang, maar goed het zij zo. Na ontvangst van de autosleutels kon onze roadtrip eindelijk beginnen.
Ik had een mooie rondrit gepland om via een toeristische route over het Reykjanes schiereiland naar ons hotel te rijden. De mist was echter zo heftig dat het zicht hooguit 50 meter was en we behalve een mooi kerkje in Hafnir echt niets gezien hebben.
Onze overnachting was in het plaatstje Vogar in het gelijknamige Hotel Vogar. Het hotel stelde niet veel voor maar een goed bed en sanitaire voorzieningen is al genoeg voor ons.
's Avond hebben we gegeten bij Gamla Posthusid (nr.1 van 1 bij Tripadvisor) tegenover ons hotel. Martijn bestelde daar de walvis die gewoon op het menu stond en die ik uit principe niet eet! De forel was echter ook overheerlijk.
Overnachting: Hotel Vogar in Vogar
Diner: Gamla Posthusid
Gereden km's: ???
Weer: Mist en regen

Dag 2: Vogar - Geysir (2 september 2013)
De route van vandaag gaat van Vogar over de 41 richting hoofdstad Reyjavik om vervolgens via de 1 verder richting oosten de rijden. De weg met nummer 1 is trouwens de ringweg rond heel het eiland en is zo'n 1339 kilometer lang. De eerste stop was bij een onofficiele gedenkplaats voor verkeersslachtoffers. Ze worden herdacht met witte kruizen tegen een achtergrond van het ruige ijslandse landschap, dit gaf een nogal surrieel beeld.
Een stukje verder in noordoostelijke richting ligt de vulkaan Kerið. Het is een zogenaamde explosiekrater en is 170 bij 270 meter en 55 meter diep. De prachtige krater is gevuld met groen water en is zo'n 3000 jaar geleden ontstaan. Verder oostwaards bij het plaatstje Skálholt staat de erg mooie Skálholt Cathedral. Een stukje verder ligt de Hjálparfoss waterval (hulpwaterval). Een dubbele maar vrij lage waterval. Helaas was het erg bewolkt en konden we geen mooie platen schieten.
De bedoeling was om de Haifoss waterval te bezoeken. De weg erna toe was echter te slecht om met onze 2wd auto te rijden en hiken in de regen zagen we ook niet echt zitten. We zijn dan ook door gereden naar de populaire Gullfoss waterval. Na een broodje en een warme choco in het bezoekerscentrum hebben we in de regen en waternevel vanaf de Gulfoss zelf deze 2 traps waterval in de Hvítá bekeken. Om niet door en door nat en koud te worden deden we dit vanaf het uitzichtpunt op een afstandje.
Daarna zijn we door gereden naar hotel Geysir tegenover de wereldberoemde Stokkur geiser. Geysir is afgeleid van het IJslandse werkwoord að gjósa, dat zoiets als spuiten of (op)borrelen betekent (bron: wikipedia). Bij de Stokkur was het erg druk. Dit was ook de reden dat we het hotel bij de geiser hebben geboekt. Om namelijk de volgende ochtend bijna als eerste en zonder drommen toeristen de Stokkur te aanschouwen. Wat een geniale zet bleek dit te zijn.
's Avonds hebben we in hotel gegeten.
Overnachting: Hotel Geysir in Geysir
Diner: Hotel Geysir
Gereden km's: ???
Weer: regenbuien, bewolking maar ook zon

Dag 3: Geysir - Kirkjubæjarklaustur (3 september 2013)
Nog voor het ontbijt zijn we de straat over gestoken om van het geweldige natuurfenomeen van Stokkur (vertaald: karnton) geiser te genieten. Je kunt er bijna de klok op gelijk zetten aangezien de geiser elke 4-8 minuten erupt en het 120 graden warme water 15 to 40 meter de lucht in spuit. Met slechts enkele andere toeristen was de beleving nog groter en konden we volop genieten van het schouwspel.

Waterfalls day
Na ons ontbijt zijn we vertrokken in zuidelijke richting voor wat na de tijd bleek: Waterfalls day. Terug op de ringweg (1) zijn we richting oosten gereden.
De eerste waterval van de trip van vandaag was de Urriðafoss (zalmwaterval) in de Þjórsá (stier) rivier. De route ging vervolgens naar het oosten. Rijdend over de IJslandse wegen door de wonderschone landschappen zijn er vele watervallen te bewonderen, klein/groot, hoog/laag, ver weg maar ook dicht bij.

Detour
Bij het plaatsje Hvolsvöllur hebben we 1 verlaten om via de 261 richting oosten te rijden met de bedoeling om via de 250 vervolgens richting Vik aan de zuidkust te rijden. Behalve de Þórðarfoss en de Gluggafoss (raamwaterval) ook wel Merkjárfoss genoemd viel deze detour een beetje tegen. Toen bleek dat de de weg overging in een slechte gravelweg zijn we omgekeerd. Ook de 250 richting Vik bleek een gravelweg waarop we besloten om terug te rijden naar Hvolsvöllur om vanuit daar weer via de ringweg verder oostwaards te rijden.
Eén van de hoogtepunten van vandaag is gelegen vlak aan de ringweg de Seljalandsfoss waterval. Het is één van de bekendste watervallen van IJsland en siert menig ansichtkaart. De waterval is prachtig gelegen en erg goed bereikbaar. Gelukkig was het niet superdruk. Het is mogelijk achter de 65 meter hoge waterval langs te lopen, wat we uiteraard gedaan hebben. Een prachtig gezicht echter wel nat en glibberig. We hebben nog een poging gedaan om naar de nabij gelegen en in een kloof verscholen Seljalandsfoss te hiken maar het regende erg hard en onverharde modderige en glibberige pad waar ik al bijna ten val kwam was te onbegaanbaar.

Vliegtuigwrak
Op het zwarte strand van Sólheimasandur ligt het gecrashte DC3 vliegtuig erg fotogeniek maar helaas niet met 2wd bereikbaar (2016: weg ernaar toe helemaal gesloten vanwege vadalisme). Helaas was het weer te slecht om de 4 km heen en 4 km terug al lopend af te leggen en ook kwam het qua planning niet meer uit. De locatie blijft dan ook nog op mijn bucketlist staan om al dan niet in combinatie met het noorderlicht te zien en fotograferen. (GPS coordinaten naar parkeerplaats: 63.4912391,-19.3632810 , GPS coordinaten naar et vliegtuigwrak: 63.459523,-19.364618)

Skógafoss
Verder oostwaards rijdend kom je in de regio van de Eyjafjallajökull vulkaan die in 2010 uitbarste en voor veel ellende in IJsland en voor het mondiale vliegverkeer zorgde.
In hetzelfde gebied ligt tweede hoogtepunt van vandaag: de Skógafoss waterval. Via deze 25 meter brede waterval stort de Skógá rivier zich 60 meter naar beneden. Zowel de Skógafoss als de Seljalandsfoss vallen vanaf een klif. Dit klif was de voormalige kustlijn van IJsland. Echter is IJsland na laatste ijstijd omhoog gerezen waardoor de huidige kustlijn maar liefst 5 km verder ligt. De 1 km naar het oosten gelegen en via een schapenpaadje bereikbare Kvernufoss hebben we overgeslagen maar mocht je tijd over hebben dan is deze waterval best de moeite van het bezoeken waard.
Dyrhólaey is de turfstenen berg van 340 meter hoog en klif nabij Vik en is zo'n 120 meter hoog. Je hebt hier (normaal gesproken) een mooi uitzicht op de Reynisdrangar kliffen in zee. Helaas was het weer/zicht niet al te best. Next stop was het gitzwarte strand van Vik met ook vanaf hier uitzicht de zwarte 66 meter hoge basaltzuilen (restanten van vulkanen) van Reynisdrangar. Het witte houten kerkje van Vik is prachtig gelegen.
Een stukje verder ligt de berg Hjörleifshöfði, erg vreemd maar wel mooi.
Verder oostwaards rijdend kom je nu door mooie met mos begroeide lava velden. Op parkeerplaatsen vindt je tot opgestapelde lava figuren. Uiteaard hebben we er zelf ook één gebouwd.
Hotel Hunkubakkar in Kirkjubaejarklaustur lag een kleine eindje verder. Qua weer ging het redelijk, veel zon maar helaas af en toe een bui
Hotel: Kirkjubæjarklaustur - Hunkubakkar - double room with private facilities and breakfast
Diner:
Gereden km's:
Weer: vooral zon, af en toe een bui

Dag 4: Kirkjubæjarklaustur - Brunholl/Hofn (4 september 2013)
Westelijk van Kirkjubæjarklaustur ligt de Fjaðrárgljúfur Canyon een kloof waar de Fjaðrá rivier door stroomt. Deze ongeveer 2 kilometer lange kloof is zo'n 100 meter hoog en een kort bezoek is de moeite waard.
Oostelijk van Kirkjubæjarklaustur vindt je de Kirkjugólf (Kerkvloer) een natuurlijk geologisch fenomeen van basalt. Midden in het weiland staat een verzameling van basaltzuilen waarvan alleen de bovenzijde in een plat vlak net boven het maaiveld uitsteekt, waarbij het lijkt alsof er in vroeger tijden een vloer is gelegd. Hoewel het niet uit overleveringen bekend was, heeft men gedurende lange tijd gedacht dat er ter plaatse ooit een kerk of iets dergelijks had gestaan. In de omgeving Kirkjubæjarklaustur van vindt je ook de Systrafoss waterval (waterval van de zusters). Het boven op de berg gelegen Systravatn meertje valt via tweewe afzonderlijke watervallen in de Bæjargil (dorpskloof).
Verder oostwaards op de ringweg kom je eerst langs de Foss á Siðu en vervolgens bij Dverghamrar ("Dwarves' cliffs") basalt kolommen. De Foss á Síðu waterval in de achtergrond levert een mooi plaatje op. Verder oostwaards kom je langs een mooie stroomversnelling in het riviertje dat paralel met de ringweg loopt.
Vanaf het Old Bridge at Skeiðarársandur monument (ter herinnering aan de gletsjer vloedgolf na vulkaan uitbarsting) heb je een mooi uitzicht op de Svinafellsjökull en Skaftafellsjökull gletsjers.
Nationaal Park Skaftafell is erg mooi, de hike naar de Svartifoss waterval is goed te doen en zo de moeite waard. De Svartifoss (Zwarte waterval) is omgeven door hexagonale zwarte basaltkolommen. Basaltkolommen ontstaan doordat lava zeer langzaam afkoelt en hiermee zorgde dat het gesmolten gesteente kristaliseerde. In het Skatafell bezoekerscentrum hebben we gelunched. Het uitzicht op de sneeuw dan de Vatnajökull gletsjer is mooi.
De ringweg verder volgend richting oosten gingen we op naar één van de hoogtepunten van deze reis: de gletsjermeren. Het Jökulsárlón meer is wereldberoemd maar er net voor is een verborgen pareltje Fjallsárlón genaamd. Dit had ik tijdens de voorbereiding uitgezocht en het bleek helemaal te kloppen. Een klein weggetje in, een heuvel over en daar lag het meer met ijbergen/ijsbergjes met als achtergrond een gletsjer en het gave was we waren er helemaal alleen. Wat een ontzettend tof gevoel was dat, helemaal alleen in dit schitterende stukje natuur.
Een klein stukje verder op de ringweg kom je dan bij het Jökulsárlón gletsjermeer. Dit bijna 8 km2 grote meer is zo'n 250 meter diep. Het ijs is afkomstig van de Breiðamerkurjökull gletsjer dat onderdeel is van de Vatnajökullgletsjer en de ijsbergen (ijsbergjes) drijven vanaf het meer via een rivier naar de Atlantische oceaan drijft. Hier worden ze door de golven weer richting land bewogen waar ze op het zwarte strand aanspoelen. Wat een enorm gave plek is dit toch en met recht één van de hoogtepunten van deze reis. Het is dan ook niet vreemd dat Jökulsárlón decor is geweest van films als A View to a Kill, Die Another Day, Tomb Raider en Batman Begins.

In Guesthouse Brunnholl hebben we gedineerd en later onder genot van een prachtige zonsondergang uitgebreid gesproken met een IJslander die een rondje ringweg deed op z'n motor in 3 dagen.
Overnachting: Brunholl/Hofn - Guesthouse Brunnholl
Diner: Guesthouse Brunnholl
Gereden km's:
Weer:

Dag 5: Hofn - Egilsstadir  (5 september 2013 ) 
De 1 slingert zich verder oostwaarts door de regio Austurland (Oostland), ongeveer parallel aan de kustlijn om via de zuidoost hoek af te buigen richting noorden richting de oostfjorden.
Het eerste deel van de rit was niet super interressant qua landschap. De eenzame basaltrots van Dálkur op het strand is het eerste mooie punt. We verlieten de ringweg 1 om via de Oxi pass (939) langs de Folaldafoss waterval weer terug op de 1 uit te komen en via de 96 naar Stöðvarfjörður te rijden.
In Stöðvarfjörður staat een fotogeniek kerkje (nu guesthouse), ditmaal met een blauw dak, dat hadden we nog niet gezien. Een broodje hamburger met friet hebben we gegeten in Fáskrúðsfjörður aan het gelijknamige fjord.
Via de 96 en 92 zijn we verder noordwaards gereden om na een fotostop hoog boven het Mjóifjörður en langd eeuwige sneeuw westwaards de rijden naar Egilsstadir waar we 2 nachten verbleven.
We hebben bij ons 'hotel' Eyvindara II gedineerd.
Overnachting: Egilsstadir - Eyvindara II
Diner: Eyvindara II
Gereden km's:
Weer: zon, +/- 11 graden

Dag 6: Egilsstadir  e.o. (6 september 2013)
Wanneer je westwaards rijdt vanuit Egilsstadir langs het Lagarfljót (meer) en de Hengifoss waterval (waar we geen zin hadden om heen te hiken) kom je op weg 910 ook wel de austurleið weg genaamd op de IJslandse hoogvlakte van Austurland (oostland) ten noorden van de de Vatnajökull gletsjer. Naast schapen en een verdwaalde auto kom je er bijzonder weinig tegen. Wel zijn er schitterende uitzichten op de 2 bergen van Kárahnjúkar <<https://nl.wikipedia.org/wiki/K%C3%A1rahnj%C3%BAkar>> (838 en 760 meter hoog) en de uitgedoofde vulkaan Snæfell. De Snæfell is met zijn 1833 meter de op één na hoogste (solitaire) berg van IJsland. De hoogste berg is de Hvannadalshnúkur (2110 m) die onder de Vatnajökull gletsjer verscholen ligt.
Het tweede deel van de dag hebben we het gebied ten noordoosten van Egilsstadir verkend. Via de 94 ging het noordwaards om vervolgens naar het oosten af te buigen. Via een bergpas met mooie vergezichten, de hellingen van Njarðvíkurskriður en een weg om het fjord bij Bakkagerði en vervolgens bij het pitoreske haventje Borgarfjordur Hofn uit te komen.
We moesten via dezelfde weg terug rijden naar Egilsstadir aangezien er maar 1 weg naar dit gebied loopt. In Egilsstadir hebben we vervolgens weg 93 genomen oostwaards over de Fjarðarheiði berg pas naar Seyðisfjörður. In Seyðisfjörður komt de veerboot uit Denemarken aan en waarschijnlijk hierom ziet het dorpje er erg verzorgd uit met mooie houten huisjes in verschillende kleuren en een erg schattig kerkje. In de plaatselijke Subway hebben we gelunched.
Op de terugweg zijn we nog even gestopt bij de Gufufoss waterval alvorens terug te keren in ons hotel.
's Avonds hebben we pizza gegeten in het plaatselijke sportscafe onder genot van een IJsland potje voetbal op tv. Er was niet veel anders.
Overnachting: Egilsstadir - Eyvindara II
Diner: Sportscafe Egilsstadir
Gereden km's: 366 km
Weer: zon, +/- 11 - 15 graden

Dag 7: Egilsstadir - Husavik (7 september 2013)
Via de wegnummer 917 over de Hellisheiði hoogvlakte ging het richting Norðurland eystra (Noordland oost). Onderweg nog even een photostop gehouden bij de Gljúfursárfoss (kloofrivierwaterval) in de Gljúfursá rivier vlak voordat deze uitmondt in het Vopnafjörður-fjord. Nabij Vopnafjörður gaat de 917 over in de 85 en rijden verder noord- en oorstwaards naar Þórshöfn (Thórshöfn). In dit kleine plaastje hebben we gelunched. De 85 gaat nu westwaards en dan richting zuiden naar Vatnajökull National Park. De Ásbyrgi Canyon is een 4 kilometer lange V-vormige kloof met in het midden een 25 meter hoge rots. Eyjan genaamd en zeer steile rotswanden tot wel 100 meter hoog. De Ásbyrgi Canyon heeft de vorm van de hoef van een paard.
Over de onverharde maar redelijk begaanbare gravel route 864 ging het richting zuiden voor 3 gave watervallen in de 206 km lange Jökulsá á Fjöllum gletsjerrivier die vanaf de Vatnajökull komt.
De Hafragilsfossis de eerste op deze route en in de Jökulságljúfur kloof. De waterval is 91 meter breed en 27 meter hoog.
Enkel kilometers verder ligt de Dettifoss, het is de krachtigste waterval van europa qua waterverplaatsing en 44 meter hoog en 100 meter breed.
De selfoss waterval is pas na het nodige klim en klauterwerk bereikbaar maar het is het waard. Het water valt via tientallen kleine watervalletjes 11 meter omlaag. Heel gaaf om te zien.
Guesthouse Stadarholl ligt in de middle of nowhere richting Husavik. Gelukkig hadden we navigatie! 's avonds hebben we in het guesthouse gegeten. Pal naast ons geusthouse ligt grenjaðarstaður (een museum met turfhuisjes) met een mooi verlicht wit kerkje er naast. Hier hebben we 's avonds nog wat foto's geschoten.
Overnachting: Husavik - Guesthouse Stadarholl
Diner: Husavik - Guesthouse Stadarholl
Gereden km's:
Weer: zon, 9 graden

Dag 8:Husavik (8 september 2013)
Het was vroeg uit de veren deze dag ivm onze vooraf gereserveerde walvissafari vanuit Husavik met North Sailing. Onder een zonnetje maar met een fris windje voeren we baai uit richting noorden. Niet lang erna was het al zover kwamen de eerste waterstralen en vinnen boven het water uit. Dat was wel kicken. Steeds dichtebij kwamen we bij een groepje van zo'n 4 bultruggen die we de hele tijd hebben gevolgd en welke regelmatig met z'n tweeen tegelijk boven kwamen. Hoe vet was dat, wat een ervaring.
In het begin van de middag waren weer terug in Husavik waar we in de haven hebben genoten van een soepje en wraps.
's Middags hebben we de Myvatn regio verkend. We begonnen in Reykjahlíð bij het blauwe melk achtige water in een meertje aan de ringweg.
Het gebied rond de Krafla vulkaan is tof. De met blauw/groen water gevulde Viti (hel in het Ijslands) krater is mooi. Het Leirhnjúkur is de naam van het gebied waar de lava van de laatste uitbarsting van de krafla door stroomde, tot aan het Myvatn meer aan toe. Wanneer je hier rondloopt lijkt het wel of je op een andere planeet zit. Zo appart maar mooi.
Hverir is het gebied met hete bronnen gelegen aan de ringweg. Alles stoomt, kookt, borrelt en stinkt in dit pastelkleurige gebied.
's Avond hebben we een heerlijke forel gegeten in ons guesthouse en nog wat foto's geschoten.
Overnachting: Husavik - Guesthouse Stadarholl
Diner: Husavik - Guesthouse Stadarholl
Gereden km's:
Weer:

Dag 9: Myvatn regio (9 september 2013)
Deze dag hebben we regio Myvatn veder verkend. We zijn begonnen bij de kegelvulkaan Hverfjall of Hverfell (hete bronnen berg op zijn Ijslands). De vulkaan izon'n 2500 jaar geleden onstaan doordat uitgestoten lava vrijwel direct koelde door water. De vulkaan is 312 mete hoog en de krater heeft een diameter van een 1 kilometer. Martijn is nog even naar boven gelopen, de binnenkant bleek net als de buitenkant uit tefra, as en fijn gruis te bestaan en weinig spectaculair te zijn.
Het Dimmuborgir (duistere burchten) natuureservaat kenmerkt zich door de zeer grillige en grote rotsformaties van vulkanisch gesteente.
Op het Höfði schiereiland kun je wandelen door een bos om via allerlei doorkijkjes enkele schitterend plekken in het Myvatn meer te zien. Vooral de lava pilaren in het meer met een schitterende achtergrond zijn het bekijken waard.
Dagje regio Myvatn, na het whalewatchting het kratermeer en sulfaatvelden bezocht
Vandaag een kort dagje gehad, slechts 6 uur op pad geweest en maar 122 km gereden. Rondje rond het meer van Myvatn was dan ook niet zo spectaculair als wat we gewend zijn van de afgelopen dagen. Foto Vd kerk is van gisteravond
Overnachting: Husavik - Guesthouse Stadarholl
Diner: Husavik - Guesthouse Stadarholl
Gereden km's:
Weer:

Dag 10: Husavik - Skagafjordur (10 september 2013)
Vandaag ging onze roadtrip door IJsland verder richting westen. Stops vandaag oa: Godafoss waterval, Akureyri, Darvik en basaltrotsen bij Hofsos
Overnachting: Saudarkrokur - Guesthouse Hofsstadir in Skagafjordur
Diner: Saudarkrokur - Guesthouse Hofsstadir in Skagafjordur
Gereden km's:
Weer:

Dag 11: Husavik - Grundarfjörðu (11 september 2013)
Trip van vandaag van Saudarkrokur in Noord IJsland naar Grundarfjörður op het schiereiland Snaefellsnes, bijna 500 km waarvan een groot gedeelte over (slechte) gravelwegen. Het weer was ook nog eens kak met een harde wind en veel regen. Hoogtepunten vandaag waren de Kolufossar waterval en vogelrots Hvitserkur
Overnachting: Grundarfjörður - Sudur-Bar
Diner:
Gereden km's:
Weer:

Dag 12: 12 september 2013
Snaefellsnes wat ben je mooi!
Al sinds onze aankomst gisteravond hebben we uitzicht op 'de' berg van Ijsland Kirkjufell. Deze berg schitterend op vele ansichtkaarten en posters van IJsland en ik had me erg verheugd op dit foto momentje. Kirkjufell betekent trouwens kerk berg in het ijslands. De berg is 463 meter hoog. Na ons ontbijt te hebben genuttigd zijn tegen de klok in het schiereiland Snaefellsnes verder over gereden. Net na Grundarfjörðurlak kun je linksaf een klein weggetje in richting Kirkjufellsfoss, je hebt hem zo gemist dus even goed opletten. De Kirkjufellsfoss vormt de prefecte voorgrond voor de berg zelf. Wat een plaatje, helemaal geweldig. Na vele foto's te hebben geschoten zonder ook maar één andere toerist te hebben gezien zijn we verder richting het westen gereden.
In het dorp Ólafsvík met de schitterende moderne Ólafsvík kerk. Vlakbij de kerk ligt de Baejarfoss, niet heel bijzonder maar ach je bent er toch.
Op het westelijke gedeelte van Snaefellsnes rijdt je om Snæfellsjökull heen. Snæfell is een 1446 meter hoge stratovulkaan bedekt met een gletsjer. De vulkaan speelt een rol in het boek Reis naar het midelpunt van de Aarde van Jules Verne.
Aan de zuidkust van Snaefellsnes ligt Lóndrangar, een paar kliffen van basalt zijn de resten van een vulkaan en 75 en 61 meter hoog. Het pad vanaf de parkeerplaats over de rotsen loopt niet echt makkelijk trouwens.
oostwaards ligt het oude vissersdorp Hellnar met een gave baai met grote kiezelstenen. Aan deze baai zit het Fjöruhúsið café, een piepklein maar erg gezellig cafe was het door een eerder gearriveerde bus vol bejaarden erg druk. Nadat we onze foto's hebben gemaakt was de 'Zonnebloem' vertrokken en hebben we genoten van een heerlijke chocomelk met zelfgemaakte appeltaart. Wat smaakt die heerlijk op dit schitterende en unieke plekje. Vergeet niet het kerkje van Hellnar met de het opvallende rode dak te fotograferen, deze is ook erg mooi namelijk.
Arnarstapi is een klein visserdorp aan de voet van de berg Stapafell met een mooie baai en ruige kliffen en de moeite van een korte stop waard.
Verder oostwaards vindt je de Rauðfeldsgjá Gorge en verolgens het zwarte kerkje Búðakirkja, deze hebben we echter beide gemist. De laatste waterval die de moeite waard was op Snaefellsnes is de Bjarnafoss maar dan niet zozeer om de waterval zelf maar om het totaal plaatje met de Mælifell vulkaan op de achtergrond. Ytri Tunga Beach waar je je zeehonden kunt spotten hebben we niet bezocht.
De Gerðuberg Cliffs is de langste 'muur' van basalt kolommen en erg de moeite waard van enkele kilometers omrijden. Pas van dichtbij zie je pas hoe immens hoog deze kolommen zijn.
Vanaf hier was het nog een klein uur naar het Fosshotel Reykholt in Reykholt. Ondertussen was het gaan regenen en werd het grijs maar gelukkig was er weinig meer te zien. In Reykholt zelf is er behalve het 'zaken' hotel helemaal niets. Sla deze plaats dan ook zeker over in je IJsland trip.

Dag 13: 13 september 2013
Op naar Reykjavik.
Alvorens richting zuiden te reizen moesten we eerst een stukje oostwaards voor een tweetal watervallen.
Allereerst de bijzondere Hraunfossar (lavawatervallen). Het is een reeks watervallen over een afstand van 900 meter die vanuit het lavaveld
Hallmundarhraun in de Hvítá (Witte rivier). Omdat dit lava poreus en waterdoorlaatbaar is, en op een harde en waterdichte ondergrond ligt, stroomt smeltwater en regenwater tussen het lava en de harde ondergrond naar beneden totdat het bij de Hvítá als het ware uit de muur komt. het ziet er zeer gaaf uit. Het was er niet druk en we konden op ons dooie gemakkie foto's maken. Toen er een touringcar stopte en de aziaten letterlijk aan kwamen rennen met hun statieven, fullframe camera's en fancy lenzen. Na 10 minuten van veel gedrang om de juiste plek en veel geklik keerde rust terug toen de bus weer vertrok.
Bij de Barnafoss (kinder) waterval perst de Hvítá iets verder stroomopwaarts zich met veel geweld door een nauwe kloof.
Via de kustroute langs de fjorden reden we richting zuiden. Op het oostelijke puntje van het Hvalfjörður zagen we nog een schattig watervalletje waar we nog ff een paar foto's van hebben geschoten.
Nationaal park Þingvellir was onze laatste stop voor het op zo'n 50km afstand gelegen Reykjavik.Het park is een verzakking in de aarde van zo'n 6 bij 40 km. Þingvellir is voor ijslanders meer dan een historiche plaats. Vanaf het jaar 930 kwamen hier iedere zomer de belangsrijkste ijslanders bijeen om recht te spreken, zaken te doen, wetten uit te vaardigen etc. Dit ging door tot in 1798.
Naast de de Almannagjá (alle-mensen-kloof), de Öxarárfoss waterval in de Öxará (bijlrivier) en het meer Þingvallavatn is hier de Midden-Atlantische Rug heel duidelijk zichtbaar. Dit gebied is de scheidingslijn tussen het Noord-Amerikaanse (ten noordwesten van de kloof) en het Euraziatische (ten zuidoosten van de vlakte) continent, met de vlakte zelf als scheiding. Op deze plaats drijft IJsland door tektonische bewegingen schoksgewijs met een gemiddelde snelheid van 1 à 2 cm per jaar uit elkaar.
Het nationaal park is goede onderhouden en er lopen enkele mooie en niet al te lange wandelroutes langs de belangrijkste bezienswaardigheden.
We besloten een rondje om het meer te rijden (via de 36 en 361) om te genieten van enkele mooie uitzichten. Onderweg zijn we nog even gestopt bij restaurant Para Ver Auroras Boreales voor een warme chocomelk.
Aan het zuiden van van het meer zie je van verre al de Úlfljótsvatnskirkja (kerk van Úlfljótsvatn), een mooi wit kerkje op een schitterende plek, voer voor de fotograaf in me dus.
Hierna zijn we doorgereden naar Reykjavik en hebben we ingecheckt in ons hotel (fosshotel Reykjavik). We waren net op tijd voor het piekuur om relatief goedkoop even een paar lekkere biertjes te drinken.
's Avond hebben we een heerlijke pasta gegeten bij restaurant Italia (Ítalía veitingahús).
Op internet had ik erg coole foto's gezien van het schitterend verlichte Harpa (Concert Hall and Conference Centre) en niet was minder waar. Wat een gaaf gebouw en wat een mooie foto's zijn het geworden. Tijdens het fotograferen werden we aangesproken door 2 ijslandse dames van middelbare leeftijd die enigzins dronken van een concert afkwamen en ons de hemd van het lijf vroegen. Het was erg gezellig en we zijn met hen naar The Laundromat Cafe gegaan om onder het genot van enkele biertjes in Reykjaviks hotspot gezellig te babbelen.
Toen de foto's van de kinderen uit de portomonee kwamen en sommige verhalen voor de derde keer werden verteld vonden we het tijd om te gaan.
Hotel: Fosshotel Baron Reykjavik
Weer: van 6 graden en zon tot 10 graden en regen
km's: 274 km

Dag 14: 14 september 2013 - zon wolken
Na het ontbijt zijn we de stad gaan verkennen. Na een rondje centrum en haven hebben we het architectonische hoogstandje Harpa bezocht. Harpa betekent harp en is een symbool van hoop. Het is ontworpen door Hening Larsen in samenwerking met Olafur Eliasson en is in mei 2011 geopend. Zowel van binnen als buiten is het een pracht van licht en lijnen in het gebouw met veel glas en metaal. De warme chocomelk smaakt er trouwens ook goed.
Een ander architectonisch hoogtepunt en het symbool van Reyjavik is de wereldberoemde Hallgrímskirkja. De kerk is vernoemd naar Hallgrímur Pétursson (1614 - 1675), een geestelijke en de grootste hymneschrijver van het land, van wie nu nog vele werken worden uitgevoerd. De architect van de kerk, Guðjón Samúelsson, begon aan zijn ontwerp in 1937. Hij heeft zich daarbij laten inspireren door de grote basaltpartijen die op IJsland te vinden zijn, zoals die bij de Svartifoss. De bouw begon daadwerkelijk in 1945 en was pas 41 jaar later, in 1986, voltooid. De architect Samúelsson was toen al 36 jaar dood. De kerk staat vlak bij het oude centrum van Reykjavik, is vanuit de wijde omgeving zichtbaar en is daardoor een van Reykjaviks bekendste symbolen. (bron: Wikipedia)
Iets ten zuidoosten van Reykjavik is cultureel centrum 'Perlan' (De Parel) gevestigd. Het complex was eigenlijk bedoeld als stadsverwarming en bestaat uit 5 warmwatertanks die in totaal 21 miljoen liter water kunnen bevatten en een 6e tank die in omgebouwd naar museum. In het midden van de tanks staat een bijna 26 meter hoge glazen koepel met hierin winkels en een draaiend restaurant. Bovenop de tanks is een obeservatieplatform met een uitzicht over Reykjavik en omgeving. Ons drankje hier was zelfs gratis aangezien men te druk was met andere zaken (appen) en vergat ons aandacht te geven.
De laaste bezienswaardigheid die we bezocht hebben was Sólfar of wel de Sun Voyager is een sculptuur gemaakt door Jón Gunnar Árnason. Het stelt een droomboot voor en is een ode aan de zon. Het sculptuur van rvs met als achtergrond de zee geeft een erg mooi beeld.
Onze verlate lunch bestond uit een burgertje met friet bij Aktu-Taktu, de ijslandse Mc Donalds. Mc Donalds heeft trouwens geen vestiging in IJsland, door de benodigde import van de grondstoffen werd het allemaal te duur en is in 2009 Mc Donalds verdwenen.
Terug in ons hotel hebben we ons vermaakt met enkel heerlijke biertjes tijdens het happy hour. Onze Nederlandse vrienden die we al enkele dagen niet meer hadden gezien kwamen ook aan en hebben gezellig een biertje mee gedronken.
Hotel: Fosshotel Baron Reykjavik
Weer: wisselvallig
km's: 6 km

Dag 15: 15 september 2013
Helaas alweer de laatste dag Ijsland. Aangezien we vanwege de mist het Reykjanes schiereiland niet goed hadden kunnen bekijken was het vandaag tijd voor poging 2. Via de wegen 40, 41 en 42 ging het zuidwaards.
De eerste stop was op een op het oog vrij lugubere plek namelijk een stokvis droogplaats. Duizenden vissen hingen aan hun staart te drogen aan enorme stellingen. Het zag er niet alleen smerige uit, het stonk er ook nog eens erg. Na enkele foto's zijn we dan ook ook gauw doorgereden naar het geothermische gebied Krýsuvík waar we Seltún 'veld' hebben bekeken. Kokend water, kolkende modder, rokende zwavel putten tussen schitterend gekleurde grond erg gaaf en het bezoeken waard.
Op weg 427 aangekomen zijn we westwaards gereden waar we vlakbij Selatangar door een onwijs mooi veld van met mos bedekt lava kwamen.
Met een kleine detour op de 43 zijn noordwaards gereden om bij The Blue Lagoon, werelds meest beroemde geothermische bad uit te komen. Via een klein weggetje kun je tot vlak aan het water komen (van een ander meer) en hebben we wat foto's geschoten.
Terug Naar de rondweg waar de 427 was overgegaan 425 richting westen lig op het zuidwestelijkste punt van IJsland de Gunnuhver Hot Springs. Een zeer fotogeniek gebied met al dan niet met mos bedekte rotspartijen, dampende poelen en uitzicht op de Reykjanes vuurtoren.
Dit was de laaste stop voor we via de 425, 44 en 41 aankwamen bij Keflavik International Airport wear we auto inleverden en enige tijd later onze korte vlucht terug naar Schiphol vertrok.
Weer: wisselvallig maar droog
km's: 144 km

Facts: totaal aan km's: 3762 km in 15 dagen

TOP